Update omgevingsvisie

,

Lokaal eigendom flink opgeschroefd: wat de nieuwe Omgevingsvisie betekent voor coöperaties

Op 3 juni stelden Provinciale Staten de herziene Omgevingsvisie vast. In het nieuws ging het vooral over één ding: de zoekgebieden voor windenergie in de regio’s Holland Midden, Holland Rijnland en Drechtsteden zijn eruit gehaald. Het lijkt misschien dat windopwek van tafel is. Dat is gelukkig niet zo. En wie de aangenomen amendementen en moties naast elkaar legt, ziet dat er voor ons als coöperatieve beweging ook positief nieuws is. In dit stuk laten we zien wat er precies is besloten, wat de recente ontwikkelingen betekenen voor de lokale coöperaties en wat je op dit moment lokaal kunt doen om straks voorbereid te zijn op de ontwikkeling van coöperatieve duurzame energie bij jou in de buurt. Want dat vervolg gaat er zeker komen!

Dit is het belangrijkste nieuws: het uitgangspunt voor lokaal eigendom gaat van minimaal 50% naar tenminste 90%, en coöperatieve ontwikkeling staat nu in de visie als noodzakelijk benoemd. Ook komt er geld bij en krijgen we hulp bij het oprichten en versterken van nieuwe en bestaande coöperaties .

De zoekgebieden worden onderzocht

De zoekgebieden en de kaart zijn uit de Omgevingsvisie gehaald (amendement 1025). Maar in dezelfde vergadering kreeg het college de opdracht om de twaalf OER-locaties (dat zijn de locaties waarvoor een Omgevings Effect Rapportage is uitgevoerd) verder te onderzoeken op geschiktheid, onder duidelijke voorwaarden (motie 2030). Dat onderzoek loopt richting de Omgevingsverordening: daar kunnen zoeklocaties straks alsnog in worden opgenomen. Naast de drie RES-regio’s waar de 12 OER-locaties zich bevinden, start de provincie na de zomer ook met een planMER voor locaties in de RES-regio Rotterdam-Den Haag. Ook hier zijn de coöperaties aan zet.

Met andere woorden: de locaties zijn niet definitief van de baan. Ze zijn uit de visie gehaald en doorgeschoven naar een traject waarin eerst kaders en normen worden vastgelegd. Pas daarna, volgend jaar, valt de keuze welke locaties in de verordening landen.

Wat er nog meer is besloten

Naast het schrappen van de zoekgebieden is er een rij besluiten aangenomen die de coöperatieve route stevig vooropzetten. Een samenvatting:

  • Lokaal eigendom naar tenminste 90% (amendement 1067)
    Het uitgangspunt voor grootschalige wind- en zonprojecten gaat van minimaal 50% naar tenminste 90% lokaal eigendom, met als streven volledig lokaal eigendom.
  • Hulp bij oprichten en groeien (motie 2014, “Make coöperaties Great Again”)
    Waar een windlocatie in beeld is maar nog geen coöperatie bestaat, gaat de provincie inwoners helpen er één op te zetten en minstens 50% aandeel te nemen. Bestaande coöperaties krijgen steun bij ledenwerving en hun rol als brug naar de omgeving.
  • €10 miljoen extra (motie 2034)
    Extra geld voor ondersteuning, ontwikkeling en financiering van coöperaties, met speciale aandacht voor regio’s waar inwoners nu minder makkelijk kunnen meedoen.
  • Kaders voor het onderzoek (motie 2030)
    Bij het onderzoek naar de locaties wegen mee: normen voor geluid, afstand, natuur en gezondheid, lokaal draagvlak, natuurversterking, het bijzondere karakter van het Groene Hart, en 50% lokaal eigendom als voorwaarde voor de hele omgeving — uitdrukkelijk niet alleen voor de grondeigenaren.
  • Provincie wil zelf meedoen (motie 2037)
    Er wordt onderzocht hoe provinciale deelname aan investering en exploitatie van windprojecten er uit zou kunnen komen te zien, uiterlijk eind 2026.
  • Energie als geopolitieke noodzaak (motie 2045)
    De Staten willen dat het belang van energiezekerheid en minder afhankelijkheid van import nadrukkelijker als zelfstandig uitgangspunt in het energiebeleid komt — naast het klimaatargument.

De volledige amendementen en moties staan onderaan dit artikel.

Wat wij ervan vinden

Bij elkaar opgeteld is dit een sterk signaal dat de coöperatieve beweging serieus genomen wordt. Lokaal eigendom wordt het vertrekpunt met 90% als norm, coöperatieve ontwikkeling is gemarkeerd als noodzaak en er komt geld vrij om coöperaties te laten groeien en organisaties op te bouwen.

Tegelijk: een hoge ambitie op papier is pas iets waard als er ook turbines komen te draaien. Sommigen vrezen dat een eis van 90% projecten juist kan tegenhouden, bijvoorbeeld doordat het ontwikkelaars afschrikt — een zorg die we serieus nemen en waarover we verderop in de Vraag en Antwoorden meer over zeggen. Het schrappen van de locaties uit de visie betekent uitstel, geen oplossing. De opgave blijft staan, en hoe langer concrete keuzes uitblijven, hoe groter de druk later. Daarbij is duidelijk dat we als coöperatieve beweging niet achterover kunnen leunen.

Zorg dat je aan tafel zit

De komende periode staat voor de provincie in het teken van het onderzoek naar de locaties en het uitwerken van de kaders. Die tijd kunnen wij goed gebruiken om ons verder te organiseren. Energie Samen Zuid-Holland neemt de komende tijd contact op met zoveel mogelijk lokale coöperaties om te bespreken welke acties prioriteit hebben en wat jullie nodig hebben voor je lokale belangenbehartiging.

Wat je nu als coöperatie zelf kunt doen: zorg dat ook je leden weten wat er speelt en wat jullie positie als coöperatie is. Zoek uit wie de grondeigenaren zijn en maak alvast kennis.

Vragen
We kunnen ons voorstellen dat er nog vragen zijn, dat je even wil sparren of dat je gewoon even wil bijpraten over wat er allemaal speelt. Dat kan natuurlijk. Neem dan contact op met onze belangenbehartiger Paulien Alblas of onze coördinator Wind Guus Goris.

Tijdpad

3 juni 2026 — Provinciale Staten stellen de herziene Omgevingsvisie vast. Windzoekgebieden uit de visie gehaald; lokaal eigendom verhoogd naar tenminste 90%; reeks moties aangenomen ter versterking van coöperaties.

10 juni 2026 — Provinciale Staten stellen de bijbehorende Omgevingsverordening vast.

Tweede helft 2026 — Provincie werkt kaders en normen uit en onderzoekt de twaalf OER-locaties op geschiktheid. Plan voor provinciale deelname aan windprojecten wordt uiterlijk eind 2026 verwacht.

Oktober 2026 – Startnotitie

Q4 2026 – Begroting 2027: Plan voor de €10 miljoen extra steun aan coöperaties wordt aan Provinciale Staten voorgelegd.

2027 — Op basis van het onderzoek kiezen Provinciale Staten welke zoeklocaties in de Omgevingsverordening worden opgenomen.

Vragen en antwoorden

 Wat is er precies besloten op 3 juni?
Provinciale Staten stelden de herziene Omgevingsvisie vast. Ze haalden de windzoekgebieden eruit, maar namen daarnaast een reeks amendementen en moties aan die lokaal eigendom en de rol van coöperaties flink versterken.

Is windenergie nu van de baan in Zuid-Holland?
Nee. De zoekgebieden zijn uit de Omgevingsvisie gehaald, maar de opgave blijft. De locaties gaan een onderzoekstraject in en kunnen via de Omgevingsverordening alsnog terugkomen — onder voorwaarden.

Zijn de locaties definitief geschrapt?
Nee. Ze zijn uit de visie gehaald, maar het college onderzoekt de twaalf OER-locaties verder op geschiktheid. Na de afronding van het onderzoek komt er opnieuw een advies aan Provinciale Staten die dan kan besluiten dat locaties ontwikkeld mogen worden.

Klopt het dat lokaal eigendom nu op 90% staat?
Het uitgangspunt voor grootschalige energieprojecten is verhoogd van minimaal 50% naar tenminste 90% lokaal eigendom, met als streven volledig lokaal eigendom.

Betekent dit dat ieder project met 90% lokaal eigendom moet worden gerealiseerd?
Nee. Het amendement zet 90% neer als uitgangspunt in de Omgevingsvisie, met volledig lokaal eigendom als streven. Het is echter niet hetzelfde als een keiharde eis waaraan elk project per definitie moet voldoen. De juridisch bindende, afdwingbare regels staan namelijk niet in de visie maar in de Omgevingsverordening — en daar moet die 90% nog landen. Dat de norm van 50% naar 90% gaat is voor ons dus een flinke stap en een sterke basis om op te staan, maar hoe hard het in de praktijk wordt, hangt af van de uitwerking in de verordening.

Bestaat het risico dat projecten door zo’n hoge eis niet doorgaan?
We kennen de redenering: niet elke coöperatie heeft meteen het kapitaal of de mankracht om 90% van een project te dragen, en een te strakke eis zou ontwikkelaars kunnen afschrikken of projecten kunnen vertragen. Het is een serieus aandachtspunt.
Twee punten. Ten eerste is de 90% een uitgangspunt en geen absolute drempel die een project bij voorbaat blokkeert — er blijft dus ruimte voor maatwerk per situatie. Ten tweede is lokaal eigendom geen kwestie van alles-of-niets: een coöperatie kan een project gefaseerd overnemen, samenwerken met een ontwikkelaar of met andere coöperaties optrekken, en naar een hoog aandeel toegroeien.
Daarbij helpt de provincie om die capaciteit op te bouwen — met geld (motie 2034) en met hulp bij oprichten en ledenwerving (motie 2014). Het is aan ons om ervoor te zorgen dat we er klaar voor zijn.

Wat heeft mijn coöperatie hier concreet aan?
Een hoop: de provincie gaat helpen bij het oprichten van coöperaties waar nog geen zijn, bestaande coöperaties krijgen steun bij ledenwerving, er komt €10 miljoen extra voor ondersteuning en financiering, en coöperaties worden in het beleid als de aangewezen partij voor windontwikkeling benoemd.

Wat kan onze coöperatie nu doen?
De komende fase is bepalend – ook voor de verordening. Hou je leden op de hoogte en voorzie ze van informatie, zorg dat je in beeld bent bij het locatieonderzoek en bereid je voor op een rol als lokale eigenaar. Energie Samen Zuid-Holland neemt in augustus contact op met alle potentieel betrokken coöperaties om te bespreken wat ze nodig hebben aan ondersteuning.

Wat is het verschil tussen een amendement en een motie?
Een amendement verandert de tekst van het besluit zelf. Wordt het aangenomen, dan staat de nieuwe tekst echt in de Omgevingsvisie — een juridische aanpassing.
Een motie verandert niets aan de tekst, maar is een opdracht of verzoek aan het college: politiek zwaarwegend, maar de invulling moet nog volgen en kan nog schuiven.
Voor dit besluit betekent dat: de 90%-norm zit in een amendement (1067) en staat dus nu in de visie. De €10 miljoen (motie 2034), het locatieonderzoek (motie 2030) en de provinciale deelname (motie 2037) zijn opdrachten die het college nog moet uitwerken.

Waar kan ik de officiële stukken teruglezen?
De vergadering en de aangenomen amendementen en moties van 3 juni staan op de website van Provinciale Staten van Zuid-Holland.

Amendement 1025
Amendement 1067
Motie 2014
Motie 2030
Motie 2034
Motie 2037
Motie 2045